Paragrafen

Financiering

Rente

Figuur 4: In deze figuur worden de leningportefeuille en de rentelasten afgezet tegen de investeringen van de jaarrekening 2022 tot en met 2025 en de begroting van 2025. Kijk voor de investeringen en rentelasten naar de rechter as en gebruik de linker as voor de rentelasten.

De rentelasten zijn in 2025 met € 0,5 mln. gestegen en maken daarmee 1,0% uit van de totale begrotingsomvang. Toch lagen de rentelasten lager in 2025 dan dat er was begroot. De oorzaak hiervan zijn onder andere de ongerealiseerde investeringen. Rentelasten ontstaan door leningen die de gemeente aantrekt. Wanneer de gemeente wil investeren worden er hier leningen voor aangetrokken. In 2025 is er minder geïnvesteerd dan begroot. Hierdoor liggen de gerealiseerde rentelasten dan ook lager dan de begrote rentelasten.

In de buffer tegen een eventuele rentestijging is er sprake van meerdere verdedigingslinies:

  • Feitelijk is een groot deel van de rentelasten van de huidige schuld van Zaanstad “ongevoelig” voor rentestijgingen. Het gaat hier bijvoorbeeld om de kapitaallasten gedekt door leges alsmede erfpachtbaten en grondexploitaties.
  • Beheersing van het renterisico door looptijdverlenging van de leningenportefeuille zodat er minder blootstelling is aan de rente door herfinanciering in toekomstige jaren.
  • In de meerjarenbegroting wordt rekening gehouden met een stijgende lange rente en stijgende korte rente.
  • De looptijdverlenging van de leningenportefeuille bij de dalende rente van de afgelopen jaren stelt de gemeente in staat ook bij een mogelijke rentestijging de komende jaren de rentelasten toch relatief laag te houden door tegen kortere looptijden te financieren.

Renteontwikkelingen dit jaar
Sinds 13 juni 2024 heeft de ECB acht keer de depositorente met 0,25% verlaagd, waarvan de laatste verlaging op donderdag 5 juni 2025 heeft plaatsgevonden. De depositorente is gedaald van 4,0% naar 2,0%. Sinds de laatste daling zijn er in juli, september en december persconferenties van de ECB geweest waar de rente constant is gebleven.

In februari 2025 is één langlopende financiering voor 5 jaar aangetrokken bij Provincie
Gelderland voor € 20 mln. Deze lening is ter vervanging van de aflopende lening bij BNG van € 20 mln.
Door te sturen op de vervalkalender worden de rentelasten voor de begroting op de middellange
termijn minder gevoelig voor renteschommelingen. Sinds 14 september 2022 krijgen we weer een rentevergoeding op het geld wat we hebben uitstaan bij de schatkist. Per 31 december 2025 bedraagt deze rente 1,921%. We hebben kasgeld aangetrokken gerelateerd aan de Swaps (€ 52 mln.) De rekening courant (het geld op onze bankrekeningen) moet zich tussen de € 10 mln. en -€ 10 mln. bevinden.

Renteschema conform BBV

(Bedragen x € 1.000)

2025

Begroting

Realisatie

SCHEMA RENTETOEREKENING:

Externe rentelasten lang/kort OG

10.724

7.950

Externe rentebaten

1.103

1.175

Totaal door te rekenen externe rente

9.621

6.775

MINUS:

Rente aan grexen door te berekenen

479

429

Saldo door te rekenen externe rente

9.142

6.346

PLUS:

Rentevergoeding over EV

2.195

3.994

Rentevergoeding over Voorzieningen CW

554

413

Bedrijfsvoeringslasten / kosten betalingsverkeer

96

192

Totaal plus

2.845

4.599

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente

11.987

10.945

RENTERESULTAAT:

De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente

14.206

13.234

Renteresultaat taakveld treasury

2.219

2.289

OMSLAGPERCENTAGES:

Boekwaarde relevante/integraal gefinancierde activa 1 jan

986.000

877.156

Uitkomst aan taakvelden toe te rekenen percentage

1,22%

1,25%

Gehanteerde rekenrente

1,50%

1,50%

Tabel 3: Renteschema conform BBV
De rekenrente mag met een marge van 0,5% worden afgerond. Het renteresultaat bedraagt € 2,3 mln. Dit is € 0,1 mln. hoger dan geraamd bij de primitieve begroting. De verschillen zijn verklaard bij het product financiering en het hoofdstuk Financiën.

Deze pagina is gebouwd op 05/21/2026 17:06:58 met de export van 05/21/2026 16:56:32