Duurzaamheid - De duurzame gemeente

Financiën

 Bedragen x € 1.000

Toelichting
Op het programma Duurzaamheid resteert een positief saldo aan afwijkingen van € 0,08 mln. Dit saldo bestaat voor € 1,24 mln. uit lagere lasten, € 0,73 mln. uit lagere baten, € 0,73 mln. aan lagere toevoegingen aan reserves en € 1,16 mln. uit lagere onttrekkingen aan reserves. De afwijkingen worden hieronder toegelicht. Als de afwijking een relatie heeft met een ander programma dan staat dit aangegeven in de voorlaatste kolom.

Bedragen x € 1.000

Omschrijving

- = voordeel, + = nadeel

Lasten

Baten

Toevoeging reserves

Onttrekking reserves

Saldo opgave

Relatie ander programma

Saldo

Afwijkingen met een effect op het jaarrekeningresultaat

1. Omgevingsdienst

-283

0

0

0

-283

0

-283

2. Milieubeleid

-114

-33

0

0

-147

0

-147

3. ZNMC

367

0

0

0

367

0

367

4. Toerekening capaciteit

77

-197

0

0

-120

0

-120

5. Overige kleine verschillen

-56

-131

0

-4

-191

54

-137

Afwijkingen met een saldo neutraal effect op het jaarrekeningresultaat

A. Bodembeheer

-368

0

0

368

0

0

0

B. Afval

-189

189

0

0

0

0

0

C. Energiearmoede

-83

83

0

0

0

0

0

D. VHF Verduurzaming

-119

119

0

0

0

0

0

E. CDOKE Klimaatakkoord

-475

701

-728

463

-39

39

0

F. Reserve vergroening en biodiversiteit

0

0

0

331

331

-331

0

Totaal

-1.243

731

-728

1.158

-82

-238

-320

Afwijkingen met een effect op het jaarrekeningresultaat
1. Omgevingsdienst
De Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied had lagere lasten (€ 0,28 mln.). Er bleek minder inzet nodig op het onderdeel graven en saneren van de bodem- en milieuadvies.
2. Milieubeleid
In het team was een onderbezetting op het personeel vanwege een krappe arbeidsmarkt. Hierdoor is minder beleidsvernieuwing gerealiseerd. Dit leidt tot lagere lasten (€ 0,11 mln.). Daarnaast hebben we een incidentele subsidie ontvangen voor geluidsanering. Hierdoor zijn de baten hoger (€ 0,03 mln.).
3. ZNMC
De circulaire nieuwbouw van het milieu- en educatiecentrum ZNMC aan de Twiskeweg is duurder geworden en daarmee ook de ingenieurskosten, de openbare ruimte kosten en de procesmanagementkosten. Dit leidt tot hogere lasten (€ 0,37 mln.). De raad is hierover geïnformeerd via raadsinformatiebrief 9833988.
4. Toerekening capaciteit
Via de kostenverdeling zijn de apparaatslasten en -baten verdeeld. De apparaatslasten binnen dit programma zijn per saldo lager dan de apparaatsbaten. Voor een toelichting hierop wordt verwezen naar de paragraaf Bedrijfsvoering.
5. Overige kleine verschillen
Het restant aan lagere lasten (€ 0,06 mln.) en hogere baten (€ 0,13 mln.) wordt verklaard door overige diverse kleine afwijkingen binnen dit programma.

Afwijkingen met saldo neutraal effect op het jaarrekeningresultaat
A. Bodembeheer
Voor Bodembeheer worden sommige werkzaamheden, waaronder Kan Palen, uitgevoerd in 2026. Dit leidt in 2025 tot lagere lasten (€ 0,36 mln.). Daartegenover staat ook een lagere onttrekking aan de reserve Bodembeheer (€ 0,36 mln.).
B. Afval
Bij de Narap is een voordeel gemeld van € 0,18 mln. door lagere realisatie op beleidsbudgetten en een voordelige eindafrekening van HVC over 2024. Daar bovenop hebben we in 2025 minder kwijtscheldingen gehad. Dat leidt tot lagere lasten (€ 0,13 mln.). Ook zijn er minder baten vanuit Verpact ontvangen (baten € 0,15 mln.). Het saldo wordt verrekend met de afvalstoffen egalisatievoorziening.
C. Energiearmoede
Voor het Plan Energiearmoede 2.0 zijn vrijwel alle maatregelen uitgevoerd. Alleen de tweede ronde van de witgoedwissel is niet doorgegaan door het stoppen van de Zaanse Pas. De resterende middelen worden ingezet in de komende één tot twee jaar. Dit leidt tot lagere lasten (€ 0,08 mln.). Tegenover de lagere lasten staan lagere baten uit de subsidie (€ 0,08 mln.).
D. VHF Verduurzaming
Er zijn in 2025 minder subsidies aangevraagd door inwoners dan verwacht, waardoor de lasten lager zijn (€ 0,12 mln.). De middelen worden uitgegeven in 2026. Tegenover de lagere lasten staan lagere baten uit de subsidie Volkshuisvestingsfonds (€ 0,12 mln.).
E. CDOKE Klimaatakkoord
De uitvoering van projecten binnen de subopgave Klimaatneutraal 2040 verloopt grotendeels volgens planning. Echter, door een krappe arbeidsmarkt duurt het langer dan verwacht om vacatures in te vullen en worden niet alle middelen volledig benut in 2025. Dit leidt tot lagere lasten op materiële kosten en capaciteit (€ 0,48 mln.). Vanwege de lagere lasten zijn ook de baten uit subsidies lager (€ 0,7 mln.), evenals de onttrekking uit de reserve Klimaatakkoord (€ 0,46 mln.). Als gevolg van de lagere subsidie inkomsten is ook de toevoeging aan de reserve Klimaat akkoord lager (€ 0,7 mln.).
F. Reserve vergroening en Biodiversiteit
Een aantal investeringsprojecten voor vergroening is vertraagd door ruimtelijke uitdagingen en beperkte capaciteit (ook bij leveranciers).
Deze investeringen schuiven door naar 2026. Hierdoor is er in 2025 een lagere onttrekking uit de reserve Vergroening en Biodiversiteit (€ 0,33 mln.).
Hiertegenover staat een lagere toevoeging (€ 0,33 mln.) aan de reserve afschrijvingslasten op het programma Verstedelijking.
De actualisatie van het bestedingsplan wordt financieel verwerkt in de Voorjaarsnota 2026

Deze pagina is gebouwd op 05/21/2026 17:06:58 met de export van 05/21/2026 16:56:32